
Waterschap Noorderzijlvest neemt deel aan project Living North Sea. Aan dit door de EU gesubsidieerde project participeren vijftien organisaties uit zeven aan de Noordzee liggende landen. Gezamenlijk zullen zij zich inspannen om een gezonde visstand in zee en zoetwater te realiseren en enkele vissoorten van uitsterven te behoeden. Vrije vismigratie speelt daarin een sleutelrol.
De snoek is één van de migrerende vissoorten waar het project zich op richt
Migrerende vissen in de Noordzeeregio worden op verschillende manieren bedreigd. Door de mens aangelegde kunstwerken, zoals gemalen, sluizen en waterkrachtcentrales, zijn weliswaar vanuit een maatschappelijk, economisch en sociaal oogpunt onmisbaar. Tegelijkertijd vormen zij echter een wezenlijke bedreiging voor vissen die van zee landinwaarts trekken om te paaien en voor hun nageslacht die in zoetwater opgroeit, maar uiteindelijk weer naar zee zal trekken.
De sluizen bij Lauwersoog
In diverse landen worden verschillende initiatieven genomen om bepaalde vissoorten voor uitsterven te behoeden. Maar wanneer bijvoorbeeld Zweden vis uitzet en het land waar de vis naar toe trekt ontoegankelijk blijkt te zijn, zal de Zweedse inspanning tevergeefs zijn. Samenwerking is dan ook essentieel. Bovendien kunnen we leren van elkaars ervaringen en kennisuitwisseling stimuleren.
De projectpartners van Living North Sea zullen de komende twee jaar samen werken om vismigratieroutes in kaart te brengen en de belangrijkste knelpunten te benoemen. Alle informatie wordt opgeslagen in een zogenaamd Geografisch Informatiesysteem (GIS-portal), een soort digitale bibliotheek. Verschillende knelpunten zullen gedurende het project worden opgelost, bijvoorbeeld door het aanleggen van vispassages of het bouwen van visvriendelijke gemalen. Het project zal ook concrete adviezen uitbrengen om overige obstakels in Noord Europese riviermondingen, beken en rivieren visvriendelijk te maken.
De activiteiten die binnen het project worden geïnitieerd, dragen bij aan geïntegreerde, duurzame kustmanagement. De samenwerking zal uiteindelijk resulteren in een serie van op elkaar afgestemde maatregelen binnen de verschillende landen. De insteek van het project is om lange termijn aanpassingen te realiseren die het mogelijk maken om migrerende vissoorten die voor ons leefmilieu en onze economie zo belangrijk zijn, op regionaal, nationaal en internationaal niveau te managen.
Een vistrap in het Lieverse Diep.
Migrerende vissen kunnen gemakkelijk de bovenloop van de rivier bereiken.
Er lopen veel mooie kronkelende beken door Groningen en Drenthe: steden als Meppel en Groningen zijn ook ontstaan aan de rand van het water. Maar in de jaren ‘50 van de vorige eeuw is er veel veranderd in het watersysteem: er zijn kanalen gegraven, beken zijn rechtgetrokken en er zijn stuwen en gemalen geplaatst. Hierdoor is het natuurlijke watersysteem in het gebied verstoord. Zo kunnen vissen niet meer van zee naar hun paaiplaatsen in de beken zwemmen, raken reeën in de problemen als zij kanalen oversteken en hebben de steden Meppel en Groningen meer last van overstromingen, zoals in 1998. Toen stond het water in de straten van Meppel en de kelders het Groninger museum kwamen onder water te staan.
